Tijdperk van Verantwoordelijkheid

De cyborg breekt dit jaar definitief door, voorspellen prominente trendwatchers. We dienen de humanoïde robot echter met een brede blik te bekijken. Artificial intelligence en machine learning vallen volgens de trendwatchers onder robotisering, alsmede internet of things, chatbots en het ongebreideld verzamelen van data. Is onze samenleving gereed voor deze digitaliseringsslag? Welke opmerkelijke veranderingen zien de tafelgasten in het bedrijfsleven?

“Do you have feelings?”, vraagt Charlie Rose, journalist van het Amerikaanse programma 60 Minutes, aan cyborg Sophia. “I can do what you do, but I can never feel human emotions as such”, antwoordt de fembot, die glimlacht, fronst en haar wenkbrauwen in opperste verbazing optrekt. Ze is in staat gezichtsuitdrukkingen van de interviewer te lezen en reageert bij tijd en wijle gevat, maar kan een moment later als een stuntelende Siri de vraag volledig verkeerd interpreteren. Sophia heeft nog een lange weg te gaan, maar haar maker Hanson Robotics weet het zeker: op termijn helpen humanoïde robots ons in de gezondheidszorg, horeca, winkels, het onderwijs en bij karweitjes in en om het huis. De gespreksdeelnemers, bijeengekomen in het Vlaardingse Delta Hotel, zien levensechte robots in elk geval nog niet over tien jaar massaal de werkvloer bevolken. Toch moet de ontwikkeling van zelfstandig lerende en denkende machines niet worden onderschat, geeft Jeroen van Oosterom (Mirage ICT-services) aan. “Het kan razendsnel gaan. Kijk eens naar de tablet, dat apparaat is pas enkele jaren geleden bij de consument geïntroduceerd en nu al niet meer weg te denken.”

Martijn Verbeek (bond for web solutions) wijst op Bill Gates, die recentelijk pleitte voor robottax om banen voor automatiseringsslachtoffers te kunnen financieren. “De Tweede Maasvlakte is een bekend voorbeeld. Er zouden geen arbeidsplaatsen verloren gaan, maar uiteindelijk is er heel veel geautomatiseerd. Vooralsnog denk ik bij robotisering meer in de richting van big data. Neem de wereldwijde file-informatie van TomTom, het bedrijf gebruikt daarvoor de gegevens van 450 miljoen auto’s met navigatiesystemen.”



Infrastructuur gereed
Het verkeer wordt naar inzicht van René Keemink (KeeminK Design) sowieso het eerste domein waar de ‘robot’ zich grootschalig openbaart, al heeft deze niet direct een menselijk voorkomen. “Twaalf jaar geleden beschikte ik al over een boordcomputer met persoonlijk assistent, die techniek is sindsdien verfijnd. Onze infrastructuur is grotendeels gereed voor de zelfrijdende auto. We lopen wat dat betreft voorop. Ook op andere terreinen komen er steeds meer zelfdenkende systemen, zoals slimme thermostaten in de energiemarkt.”In de maakindustrie staat robotisering vooral voor het stroomlijnen van seriematig werk, zeggen Jan Boom (Aldowa) en Remco Tournier (ICL). “Het kost vooralsnog geen arbeidsplaatsen, want er ontstaat een verschuiving naar andere taken”, legt Jan Boom uit. “Machines worden ongetwijfeld slimmer, maar ze worden aangestuurd door mensen.” Remco Tournier stipt de toenemende kwaliteitseisen in de technische maakindustrie aan. “We moeten automatiseren om te kunnen voldoen aan de eisen die fabrikanten stellen. Opdrachtgevers zijn continu op zoek naar innovatieve partners. Sta je stil, dan raak je uit beeld.”

Van koffiedik tot bitterbal
Smart industry en duurzaamheid raken elkaar in de circulaire economie, een systeem zonder afval en verspilling. Green deals tussen bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en overheid binden innovatieve ontwikkelingen samen en maken duurzame voornemens praktisch uitvoerbaar. Zo wil de gemeente Schiedam de CO₂-uitstoot voor 2030 met dertig procent verminderen ten opzichte van 1990. Energieoplossingen als een restwarmtenet, elektrische systemen en warmtepompen moeten de aardgasbehoefte van twee complete woonwijken vervangen. De circulaire economie krijgt tevens handen en voeten met individuele initiatieven van bedrijven, vertelt Eelco Schippers (gemeente Schiedam). “Op verzoek van de gemeente richt PulsUp zich op het waarderen en hergebruik van beschikbare reststromen binnen bedrijventerreinen in Schiedam. Wat voor de één afval is, is voor een ander bedrijf een waardevolle grondstof. Zij werken nu aan een online marktplaats in de vorm van een app, zodat bedrijven elkaar kunnen vinden. Er worden concrete stappen gezet, maar we willen duurzaamheid in een nog hogere versnelling zetten met businesscases voor bedrijven.”Schone technologie vervult een belangrijke rol in de circulaire economie, maar uiteindelijk is de creativiteit van de mens leidend. Een collega van Schippers bij de gemeente Schiedam kwam zelf met het voorstel koffiedik uit de koffieautomaten gratis op te laten halen door RotterZwam, een bedrijf dat oesterzwammen op koffiedik kweekt. “Het mooie is dat de Rotterdamse oesterzwammen weer worden verwerkt in de bitterballen die bij ons in de kantine liggen.”

Gebouw als recyclepunt
Gebruik in plaats van bezit, zoals het leasen van licht ter vervanging van de aanschaf van lampen, wint aan populariteit, zegt Annemarije Schoonbeek (Libertas Lawyers). “Steeds meer bedrijven delen een pand en bij groei of krimp kan de ruimte worden aangepast. Vaste indelingen van gebouwen verdwijnen uit beeld.” We kunnen nog veel meer rendement uit bouw halen, vult Jan Boom aan. Te beginnen bij de doelstellingen en levensduur van panden. “We vinden het normaal dat een bedrijfspand er veertig jaar staat en bij afbraak een afvalberg oplevert, maar het kan heel anders. Waarom niet bouwen voor tien jaar, om daarna elk onderdeel terug te winnen? Een gebouw wordt op die manier een recyclepunt voor materialen. Voorwaarde is dat alle partijen van begin af aan bij de bouw zijn betrokken. Wij zitten inmiddels aan de voorzijde van trajecten en bieden bijvoorbeeld leasegevels aan, maar veel financiers zien dat nog niet zien zitten. Vastgoedbedrijven en investeerders moeten wat dat betreft nog een omslag maken.”Met het oog op energieverbruik verkiest Martijn Verbeek uitgekiende architectuur boven technologie. “Je haalt winst uit bouwconstructies die warmte en koude weren waar nodig en optimaal gebruikmaken van daglicht. Koude- en warmteopslag is een bruikbare techniek, maar het is de vraag in hoeverre deze methode individueel bijdraagt aan de totale energiebehoefte. Ik heb bescheiden percentages van zes en zeven procent voorbij zien komen.”ICL, het bedrijf van Remco Tournier, heeft in het ontwerp van de fabriek zorgvuldig rekening gehouden met de elementen. De glazen façade vangt het daglicht optimaal, ledverlichting doet de rest. De energie is nu deels afkomstig van de 102 zonnepanelen op het dak van de fabriek. “Binnen afzienbare tijd komen er nog eens 98 bij, goed voor bijna een derde van onze totale energievraag. We zijn aangesloten bij duurzaamheidbeoordelingssysteem EcoVadis, waar we de zilveren status hebben bereikt. Uiteraard gaan we voor goud.”

Wars van hiërarchie
Hoe krijg je duurzaamheids- en andere doelstellingen tussen de oren van medewerkers? Moet je personeel überhaupt iets opleggen? De professionals van de toekomst, grofweg geboren na 1985, zitten in elk geval niet te wachten op aloude hiërarchische verhoudingen. Millennials raken al in het onderwijs gewend aan het uitvoeren van opdrachten in teamverband en startups worden groot met een resultaatgerichte aanpak als Scrum. Niets voor niets kopieert ING het model van ‘s werelds beroemdste oud-startup Google. Dat organisatiestructuren en bedrijfsculturen veranderen, staat voor de tafelgasten vast.

Het veranderingsproces kent echter vele gezichten. “Wij werken sinds kort steeds vaker met opgaveteams”, geeft Eelco Schippers aan. “Het is een aanpak waarbij inwoners en andere stakeholders nauw worden betrokken. De rol van de overheid verandert. Dat betekent dat ook de werkwijze van ambtenaren moet veranderen. Sommige zien daarbij extra kansen en mogelijkheden om maatschappelijke doelen te bereiken en voor andere ambtenaren is dat nog wennen.”Annemarije Schoonbeek opereerde bij haar vorige werkgever, Autoriteit Financiële Markten (AFM), in de rol als projectleider. Korte spurts kunnen goede resultaten opleveren, als het doel maar eenduidig is, zo benadrukt ze. Daarnaast zijn teams niet vrij van politieke invloeden. “Ik ben nu ruim een half jaar terug in de advocatuur en ik heb de indruk dat de juridische wereld iets achter loopt op dit vlak. Zelfstandig werken en verantwoordelijkheid dragen zijn geen issues in de advocatuur. Ik merk dat voor een goede dienstverlening vaak een nauwe samenwerking met de klant en andere consultants nodig is. Wij zouden graag met de klant en deze consultants meer en sneller samen optrekken bijvoorbeeld door actuele informatiedeling. Er zijn digitale gegevensbanken beschikbaar, maar hier kleven nog veel haken en ogen aan. 

De voortschrijdende digitalisering gaat daar ongetwijfeld stap voor stap verandering in brengen.”Bedrijven kunnen heel onwennig reageren op het delen van informatie, weet Martijn Verbeek uit ervaring. “Sommige willen wel zien wat anderen doen, maar niet tonen waar ze zelf mee bezig zijn. Terwijl kennisdeling en vertrouwen belangrijke ingrediënten voor innovatie zijn.” Verbeek heeft als ICT-specialist goede ervaringen met de methode ‘lean startup’, een werkwijze waarbij bedrijven een basisproduct aan de doelgroep voorleggen. Op basis van de feedback wordt het product verbeterd. Bedrijf en opdrachtgever delen samen het ontwikkelingsrisico. “Sommige klanten vragen: waarom zouden we jouw leergeld betalen? De totstandkoming van een functie, app, website of portal is een leerproces voor beide partijen. Uiteindelijk ligt er iets waar de doelgroep op zit te wachten.”

Muur doorbreken
Millennials mogen dan wars zijn van managers, niet iedereen kan zonder aansturing functioneren, merkt René Keemink op. “Hoger opgeleiden zijn doorgaans beter tot zelfstandig werken in staat, maar ook niet allemaal. Managers blijven in de toekomst nodig. Ja, ze kunnen vooruitgang en ideeën blokkeren, maar het werkt als een externe partij mensen in het verhaal meeneemt. Een manager in een zorginstelling was aanvankelijk sceptisch over een nieuw systeem, dus ik ben een aantal dagen gaan meelopen. Alles waar hij en zijn team op stuitten, hebben we aangepast. Daarmee was ook de weerstand verdwenen.”Mensen op de werkvloer krijgen volgens Jan Boom nog te weinig vertrouwen. Hij heeft goede ervaringen met het overgeven van het stuur aan kundige medewerkers. “We ontvingen een megaopdracht en vroegen specialisten op de werkvloer om op korte termijn de voorwaarden voor uitvoering te creëren. Eng om zo de regie uit handen te geven. Na tien dagen was er niets gebeurd, dus we begonnen te twijfelen. Na twaalf dagen stonden ze de muur eruit te slaan. Bleek dat ze een logistieke oplossing hadden bedacht om materialen snel van en naar de fabriek te vervoeren. Het project was een succes.”

Hackers het hoofd bieden
Het aantrekken van techneuten, zowel technische vakmensen als ICT’ers, is nog altijd een lastige opgave. Gezien het tempo van digitalisering is dat laatste zeker een probleem, stellen de discussiepartners. De overheid mist de kennis om hackers het hoofd te bieden. Plus, de aanhoudende koppeling van essentiële systemen via internet in combinatie met de opkomst van artificial intelligence en lerende machines, levert grote gevaren op. De overheid ziet de urgentie echter onder ogen. Zo moet de vorig jaar ingevoerde Meldplicht Datalekken de schade van informatieverlies beperken. Bedrijven en instellingen die gegevensdragers kwijtraken of data onrechtmatig verwerken, dienen dit bij de Autoriteit Persoonsgegevens te melden.

Overtreders kunnen hoge boetes opgelegd krijgen. Met de doelstelling van de wet is niets mis, concludeert Annemarije Schoonbeek. “Bescherming van persoonsgegevens is in dit digitaal tijdperk een groot goed. Onze privacy staat op het spel. Door de technologische ontwikkelingen worden steeds meer gegevens vastgelegd. Overal zie je wet- en regelgeving ontstaan. Banken mogen met toestemming van klanten gegevens koppelen, maar moeten dan wel voldoen aan PSD 2, Payment Service Directive en de privacy wet- en regelgeving. Het nemen van verantwoordelijkheid voor een gestolen of verloren laptop lijkt me geen overbodige luxe, al kan ik me voorstellen dat de Meldplicht voor ICT’ers pittig kan zijn.”Jeroen van Oosterom schetst een praktijksituatie. “Wij hebben als administrator toegang tot de gegevens van een opdrachtgever, maar dat betekent niet dat we ze ook aanpassen. Toch komt de druk bij ons te liggen. Als opdrachtgevers zelf software aanschaffen waarvan de beveiliging niet klopt, houden ze ons verantwoordelijk voor de beveiliging ervan. Bedrijven mogen zich meer bewust zijn van de gevaren. De Meldplicht geeft in elk geval een signaal af.”Ontwikkel een beleid voor opslag van gegevens, geeft Martijn Verbeek bedrijven mee. “Welke data bewaar je en waarom precies? Verder heb ik een dubbel gevoel bij de huidige wetgeving. Als het om ICT gaat, is iedereen paranoïde, maar intussen word je tijdens het winkelen in de Koopgoot door 75 camera’s gefilmd.”

De drie O’s
Hoe vinden we talentvolle techneuten die onze digitale samenleving vooruitbrengen? Het antwoord kan naar mening van de discussianten in elk geval worden gevonden in het onderwijs. Begin vroeg op school met spelenderwijs programmeren, stelt René Keemink. “Kinderen groeien op met games, die lijn kun je doortrekken met het creëren van een eenvoudig robotje en het leren van standaard programmeertaal C#. Het is belangrijk dat we de keuze voor techniek stimuleren, daar is een gezamenlijke taak voor overheid en onderwijs weggelegd. Het is heel Nederlands om de wens aan de slag te gaan in de game industry als kinderspel af te doen, maar het kan weleens de basis zijn voor een geweldige carrière.” Eelco Schippers spreekt van de drie O’s: onderwijs, ondernemers en overheid. De winst valt volgens hem uit een nauwe samenwerking tussen de drie partijen te halen. Schippers was zelf bij de oprichting van de regionale TechNetKring betrokken. “Een prachtig initiatief, maar bepaalde stereotiepe ideeën zijn lastig te doorbreken. De technische sector kijkt nog regelmatig vreemd tegen parttime werk aan, terwijl flexibiliteit de aantrekkingskracht onder vrouwen zou vergroten.”

Geld is niet de drijfveer
Evenals hiërarchie valt ook starheid niet in de smaak bij de ‘tough to manage’ millennials. Volgens Keemink is dat deels het gevolg van een opvoeding waarin het woord ‘nee’ niet bestaat. “Ze zijn niet in staat tegenslag te verwerken.” Het bedrijf van Jan Boom roeit dan ook met de stroom mee. Geld is niet langer de drijfveer, weet Boom, een inspirerende omgeving, vrijheid en groeimogelijkheden leggen meer gewicht in de schaal. “We vragen tijdens sollicitatiegesprekken niet meer hoe goed iemand is, maar ‘wat kun jij voor ons betekenen’ en vice versa.”

Benader werknemers als zelfstandigen, besluit Jeroen van Oosterom. “Veel jonge, hogeropgeleide medewerkers vinden eigen verantwoordelijkheid voor werk en ontwikkeling een prettig idee. Ook secundaire arbeidsvoorwaarden als flexibele werktijden maken het verschil. Je ziet zelfs constructies ontstaan waarbij medewerkers zich uitsluitend op provisiebasis laten uitbetalen. De flexibele benadering van werk zal de komende jaren alleen maar toenemen. De zekerheid dat je twintig jaar bij hetzelfde bedrijf werkt, ligt ver achter ons.” «

Tekst: Martin Neyt / Fotografie: Jan Nass