Blog

Welke projectaanpak past bij jouw organisatie?

Innovatie beweegt zich over meerdere dimensies:

Vproducten of diensten, 
Vverschil in businessmodel en procesaanpak
Ven ook de markt is aan innovatie onderhevig. 

De kracht is natuurlijk om een combinatie te vinden die een duidelijk voordeel geeft voor de klant. 

En zelfs als je denkt dat er een goede mix is gevonden, kan er nog van alles fout gaan. Innoveren is een complexe zaak. Het is eerder een prettige samenloop van omstandigheden en een combinatie van factoren die het succes van een innovatie bepalen. 

Daarbij lijkt het, of veel organisaties niet leren van het verleden. Het is natuurlijk niet handig om steeds opnieuw in dezelfde valkuil te trappen. Wat je ziet zijn o.a. het ontbreken van leiderschap, ontbreken van kennis, geen goed plan, te weinig klantvoordeel of motivatie, een verkeerde timing of simpelweg te snel willen scoren.

Succesvolle innovaties hebben wel wat gemeen: het hebben van een helder businessmodel en een ontwikkelmethode die past bij de organisatie. Er drie soorten methodes waarmee innovaties worden uitgevoerd (op chronologische volgorde).

  1. Waterval: alles in één keer leveren;
  2. Agile aanpak of Scrum: een totaal product leveren in kleine stapjes (iteratief);
  3. Lean Startup: bepalen wat minimaal nodig is en dit direct toetsen bij de gebruikers.

Agile, Waterval en Lean Startup op een rijtje

Waterval

De Waterval-aanpak werd begin jaren ’80 van de vorige eeuw in de IT toegepast, maar is afkomstig uit de bouwwereld. De Waterval-aanpak houdt in dat alles in één keer wordt opgeleverd. De klant is betrokken bij prototyping en reacties van eindegebruikers worden verzameld nadat het product is aangeboden. Bij Waterval wordt in fases gewerkt en elke stap wordt uitgevoerd door specialisten. De klantwens, het probleem of de behoefte is vanaf het begin bekend, evenals de oplossingsrichting. De Waterval-aanpak loopt spaak wanneer het geheel van de wens niet duidelijk is.

Agile

De Agile-aanpak bestaat sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw en is populair bij softwareontwikkeling. Agile is het iteratief opleveren van kleine functionaliteiten (2-4 weken) en incrementeel een deelproduct opleveren aan de klant. Bij Agile wordt er gewerkt in multidisciplinaire teams en de klant is in staat tijdens de ontwikkeling met vragen en suggesties te komen. De klantwens, het probleem, of de behoefte is bekend. De oplossing daarentegen, wordt pas tijdens de ontwikkelfase bepaald. Het gewenste eindresultaat is enigszins bekend, maar kan nog wijzigen. Binnen de Agile-aanpak is er ruimte om te anticiperen op de behoefte van de klant. 

Lean Startup

Eric Ries is de man achter het Lean Startup gedachtegoed dat de laatste jaren aan populariteit wint. Lean Startup vraagt om kort cyclisch werken aan de hand van een Minimal Viable Product (MVP) en dit op te leveren. Vervolgens monitort het team hoe de klanten reageren en verzamelt het data en feedback. Aan de hand van dat inzicht bepaalt het team of het zo doorgaat of van strategie verandert. De doelgroep is mogelijk bekend, de klant weet echter niet wat hij wil en de oplossingsrichting is eveneens niet bekend. 

De verschillen

Een van de meest belangrijke verschillen tussen de drie aanpakken en misschien wel het meest diepgaande en onderscheidende verschil, is het moment waarop het nieuwe product aan de markt wordt aangeboden. Bij zowel de Waterval- als de Agile-aanpak ontvangt de klant/stakeholder/eindgebruiker het product of de oplossing aan het eind van het project—bij gebruik van deze twee processen bouwt het team dus altijd het gehele product. 

Een Lean Startup-team focust daarentegen vooral op het bouwen van een subset aan kenmerken (hopelijk de meest cruciale) en op het op de markt krijgen van het MVP om het onmiddellijk aan klanten aan te kunnen bieden. Deze snellere levering helpt het Lean proces om meer mogelijke verspilling te elimineren dan bij Agile, omdat het team er sneller achter komt of het aan juiste product werkt. Is dit niet het geval, dan kan het snel anticiperen en besparen op twee kostbare bronnen: tijd en geld.